AMSTERDAM, 17 SEPTEMBER 1890

Op deze datum, zes dagen voor zijn dood, worden de statuten van de Vereniging Beurs voor den Diamanthandel door Koning Willem III goedgekeurd.
Dit feit vormde de aanzet voor het openen van de eerste diamantbeurs ter wereld, gevestigd in Amsterdam.
De Amsterdamse Diamantbeurs is de oudste van de huidige 26 diamantbeurzen die er op de wereld zijn.
In 1907 kwam op initiatief van Amsterdam een internationaal netwerk van de, op dat moment bestaande, paar diamantbeurzen tot stand, de voorganger van de huidige Wereld Federatie van Diamantbeurzen (WFDB).
Nu, na bijna 120 jaar, behartigt de vereniging nog steeds de belangen van de in Nederland aangesloten leden, en ziet toe op de naleving van de strenge regels welke door de eigen beurs en de WFDB, in samenwerking met andere organisaties, zijn opgesteld om de handel in diamant te reguleren. ( Zie ook Pag.WFDB ).
De Vereniging waakt over de belangen van handel en consument, omdat het kopen van diamant een zaak van vertrouwen is, vertrouwen in de vakbekwaamheid van de diamanthandel die haar kennis en kunde ter beschikking stelt aan de juwelier, uiteindelijk het aanspreekpunt voor de consument.
Uiteraard moet de consument er op kunnen vertrouwen dat de gekochte diamant is wat hij verwacht.
Het bestaan van de Vereniging heeft zich gekenmerkt door roerige perioden, waarbij, met name, de Tweede Wereldoorlog blijvende sporen heeft achtergelaten.
Desondanks geldt de Amsterdamse Diamantbeurs nog steeds als de bakermat van de georganiseerde, internationale diamanthandel.

Afbeelding / Picture


Afbeelding / Picture

Slijperij door Jan Luycken-1694 

Afbeelding / Picture

De Diamantcourant-6 januari 1884 

AMSTERDAM DIAMANTSTAD

Diamant werd al meer dan 600 jaar geleden in Vlaanderen bewerkt en verhandeld.
Door religieuze intolerantie kwam daar in de 16e eeuw een eind aan.
De liberale politiek van de Amsterdamse bestuurders opende de weg voor een in-
stroom van vakbekwame en initiatiefrijke vluchtelingen.
In 1586 vestigde een zekere Willem Vermaet zich in Amsterdam en op 15 november
van dat jaar vroeg hij een huwelijkscertificaat aan en gaf daarbij als beroep diamant-
slijper op.
Hoewel er ook voor die datum al diamant in Amsterdam geslepen werd, wordt deze
datum voor het ontstaan van de Amsterdamse diamantindustrie aangehouden.
In de 17e eeuw werd Amsterdam het toonaangevende centrum voor diamantbewerking
en -handel.
Niet lang na de ontdekking, omstreeks 1726, van de Braziliaanse diamantvelden slaagde
Amsterdam er in het monopolie van de invoer van diamant uit dat land in handen te krijgen.
Uit deze tijd stamt de nog altijd bestaande naam AMSTERDAM-DIAMANTSTAD.
Nadat in het midden van de 19e eeuw de Braziliaanse diamantvelden langzaam opdroogden,
nam de werkloosheid in de Amsterdamse diamantslijperijen aanzienlijk toe.
Dankzij de ontdekking van grote hoeveelheden diamant in Zuid-Afrika keerden de gouden
jaren terug, terwijl tevens door de groeiende welstand van de middenklasse in Europa en de
Verenigde Staten de vraag naar diamant enorm toenam.
Tijdens de beroemde Kaapse periode vanaf 1870 verdienden duizenden diamantbewerkers
voor die tijd hoge lonen van 130 gulden per week.
Door de toenemende invloed van de vakverenigingen alsmede de hoge in- en uitvoerrechten
werd de concurrentiepositie van de Amsterdamse diamantindustrie ernstig aangetast.
Hier lag de kans voor Antwerpen, dat zich tot dan toe tevreden had moeten stellen met het
slijpen van goederen van lage kwaliteit.
Dankzij lagere lonen dan in Amsterdam en door de soepele arbeidsvoorwaarden lukte het
Antwerpen om een deel van de enorme productie uit Zuid-Afrika binnen te halen.
De miljoenen caraten ruwe diamant uit Zuid-Afrika noodzaakten de Amsterdamse diaman-
tairs een systeem te ontwikkelen om dit enorme volume te stroomlijnen en een goed werkend
marktmechanisme voor geslepen diamant in te voeren.
In 1881 wordt de Centrale Diamanthandels Bond opgericht, welke o.a. als eerste de, reeds
generaties lang mondeling overgeleverde, usances in uniforme regels vastlegde.
Door meningsverschillen over het gevoerde beleid van de Centrale werd op 11 december
1889 de huidige diamantbeurs opgericht.


DE DIAMANTBEURS

De nieuwe Vereniging Beurs voor den Diamanthandel ging voortvarend van start.
De "Centrale Handelsbond" die in 1889 nog 800 leden telde verdween, door de zuigkracht die van de nieuwe beurs uitging,  in 1906 geruisloos van het toneel.
Door de sterke groei van het ledenbestand nam de behoefte aan een eigen beursgebouw toe, en het bestuur ging op zoek naar een geschikte locatie voor de geplande nieuwbouw.
Gekozen werd voor een locatie aan het Weesperplein en architect Gerrit van Arkel, bekend van diverse markante bouwwerken in Amsterdam en naast Berlage een geroemd ontwerper, werd aangezocht voor het ontwerp, een statig maar toch vooruitstrevend gebouw!
Dankzij de geweldige inzet van Van Arkel verliep de bouw zonder oponthoud en kon het nieuwe gebouw op 18 september 1911 officieel worden geopend door  minister van Landbouw, Nijverheid en Handel, de Heer Talma.
Het markante gebouw werd in 1989 verlaten voor een nieuwe, moderne locatie in businesscenter Amsterdan-Zuidoost, en is nu een monument van de stad Amsterdam.
Als de oudste Diamantbeurs ter wereld is het logisch dat de Amsterdamse statuten en organisatie model hebben gestaan voor de, later ontstane, beurzen in Antwerpen, Parijs en Wenen. 
Door het verlies van veel leden en diamantbewekers tijdens de zwarte periode van de 2e wereldoorlog heeft Amsterdam zijn eerste plaats als diamantcentrum in de wereld verloren.
Desondanks leeft de Vereniging Beurs v/d Diamanthandel nog altijd voort als officieel representant van de diamanthandel in Nederland, ziet zij toe op de correcte naleving van de handelsgebruiken en treedt zij regulerend op wanneer de goede naam van diamant, het diamantvak en de handel in het gedrang mochten komen. 


Afbeelding / Picture

De bestuurskamer in 1911.

Afbeelding / Picture

Model van de CULLINAN, de grootste diamant ooit gevonden, en de stenen welke er uit geslepen zijn.